Jaarverslag 2017

Onderlinge Waarborgmaatschappij Centramed B.A.

Financiële resultaten

Solvabiliteit

Wettelijke solvabiliteitseis Solvency II

DNB toetst in hoeverre de aanwezige solvabiliteit van een verzekeraar aan de formele wettelijke eisen voldoet. Conform de in 2017 geldende Solvency II-wetgeving dient Centramed eind 2017 over een kapitaaleis van ten minste € 21,7 miljoen te beschikken. In ons kapitaalbeleid (dat jaarlijks wordt herijkt) is de interne norm gesteld op 150% solvabiliteit. Het streefniveau is op 175% gesteld. Hieraan ligt de veronderstelling ten grondslag dat Centramed ten minste twee zogenaamde ‘significante schokken’ in enig jaar wil kunnen opvangen, zonder onder de wettelijke solvabiliteitseis te komen. Een significante schok is bijvoorbeeld een scherpe daling van de waarde van de beleggingen, een grote stijging van de schadelast of het faillissement van (één van) onze leden. Het kapitaalbeleid (inclusief de risicobereidheid) is door de Algemene Ledenvergadering op 9 juni 2017 vastgesteld. 


Solide beleid

Als een direct gevolg van een stelsel van maatregelen is de  solvabiliteit van Centramed in 2016 met 155% tot boven de normsolvabiliteit (150%) uitgekomen. Gedurende 2017 heeft continuering van dit beleid, aangesterkt met aanvullende maatregelen, tot een solide solvabiliteit geleid dat eind 2017 uitkomt op 165%. Deze groei wordt veroorzaakt door de toename van het beschikbaar vermogen bij een nagenoeg gelijkblijvend risicoprofiel en bijbehorende solvabiliteitskapitaalvereisten (SKV). De stijging van het beschikbaar vermogen is het resultaat van de toetredingsbijdrage van nieuwe leden, het best estimate verzekeringstechnisch resultaat op schade en de beleggingsopbrengsten.


Solvabele partner

Het aanwezige solvabiliteitsvermogen volgens Solvency II is per eind 2017 gelijk aan € 35,8 miljoen en ligt hoger dan de interne norm (€ 32,5 miljoen) en boven de wettelijke Solvency II-eis (€ 21,7 miljoen).  De solvabiliteitsratio (aanwezige solvabiliteit gedeeld door wettelijke solvabiliteit) bedraagt 165% (eind 2016 155%) op basis van Solvency II-grondslagen. 

 

Bedragen *€1000 2017 2016
Totaal 35.794 33.842
Vereist solvabiliteitskapitaal 21.666 21.828
Overschot 14.128 12.014
Solvabiliteitsratio 165% 155%

 

De verhoogde solvabiliteit is een direct gevolg van de genoemde maatregelen. 


Resultaat positief

In 2017 laat Centramed een solide resultaat zien van € 0,95 miljoen (2016: € 0,70 miljoen). Dit resultaat wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt door het resultaat op beleggingsactiviteiten. Het resultaat op verzekeringsactiviteiten is, hoewel een adequate premiestelling, zeer beperkt.  Dit wordt deels veroorzaakt door de kwaliteit van het herverzekeringsprogramma. Ook komt dit door premiestelling die  rekening houdt met toekomstige ontwikkelingen. Daarnaast kent het resultaat eenmalige bate door een vrijval van de premievoorziening als gevolg van een aanpassing van de looptijd van een afwijkende contract.  Vanwege een toereikende schadevoorziening is eind 2017 de toereikendheidstoetsvoorziening vrijgevallen. 


Ontwikkelingen schade

In 2017 zijn 863 claims gemeld (2016: 870) met een totale schadelast van € 29,9 miljoen (2016: € 30,3 miljoen). Het totaal aan claims is daarmee nagenoeg gelijk gebleven. Wel toont het claimverloop een verschuiving van het aantal claims van GGZ-instellingen naar Algemene ziekenhuizen..


Ook in 2017 hebben (on)voorziene ontwikkelingen in individuele dossiers en trends en ontwikkelingen, zoals de laag blijvende rente, relevante wet- en regelgeving, de toename van het aantal ZZP‘ers, de verhoging van smartengeld e.d. invloed op de gemiddelde schadelast. De in 2016 gerapporteerde opwaartse trend in de gemiddelde schadelast per claim zet zich voort. Deze stijging is verwerkt in de premiesystematiek voor de komende jaren. 


Dossier- en technische voorzieningen

De aard van onze portefeuille stelt zeer hoge eisen aan de kwaliteit en analysekracht van onze organisatie. Het zo goed mogelijk inschatten van de dossiervoorzieningen heeft daarom continu de hoogste aandacht bij Centramed. 


Voor het voorspellen van de extra verwachte schadelast voor alle gemelde schades (IBNeR) wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van actuariële modellen. De bevindingen uit onze analyses worden gebruikt om onze berekeningen continu te verfijnen. De (wijzigingen in) aannames die hierbij gebruikt worden, worden periodiek besproken en gereviewed om de inschattingen van deze schadelast te verbeteren. 


Centramed heeft te maken met ‘long tail’ risico’s. Sommige zaken lopen heel lang (bijvoorbeeld kindschades), waardoor de inschatting over de uiteindelijke uitkomst soms moeilijk te maken is. Controle op de dossiervoorziening doen wij door middel van het uitvoeren van gerichte audits op adequaatheid van deze voorzieningen. 


Voor 2017 is voor het inschatten van de verdere ontwikkeling van potentieel grote schades intensief gebruik gemaakt van de expertise van schadebehandelaars. Samen met de uitbreiding van ons eerstelijns actuariaat leidt tot een verbeterde inschatting van de extra verwachte schadelast voor alle gemelde schades (IBNeR). 


Premiesystematiek

De door Centramed gehanteerde premiesystematiek voor ziekenhuisleden heeft haar kracht en toegevoegde waarde in het verleden bewezen. Een snel toenemende schadelast, waarvan de laatste jaren sprake is, werkt echter te langzaam door in de premie. De premie blijkt dan niet meer toereikend en de resultaten en solvabiliteit van Centramed komen te veel onder druk te staan. 


In 2016 is Centramed gestart met het toepassen van een ‘forward looking’ component (trendfactor genoemd) in de premiestelling, waarmee recente en toekomstige ontwikkelingen worden gewaardeerd. In 2016 is voor de prolongatie per 1 januari 2017 de trendfactor vastgesteld op 1,4. Ieder jaar wordt deze trendfactor opnieuw bepaald. In de jaarlijkse bijstelling voor de prolongatie per 1 januari 2018 is de trendfactor verhoogd naar 1,45.


Via de in 2017 opgezette commissie Trends krijgen we in nauwe samenwerking met onze leden nog meer inzicht in trends en ontwikkelingen in de markt.  De commissie Trends is in 2017 vier keer bijeen geweest. Zo heeft de commissie Trends in 2017 input gegeven over een aantal trends en ontwikkelingen die een financiële impact hebben op de te verwachten schadelast. De diverse ontwikkelingen zijn drivers voor de kosten en vormen een risico voor de verzekerbaarheid van medisch aansprakelijkheid. Daarnaast is gestart met een eerste onderzoek om een betere aansluiting tussen de premiestelling en het risicoprofiel van een GGZ –instelling te krijgen. Dit krijgt in 2018 een vervolg. De leden vervullen een belangrijke rol bij de totstandkoming van de jaarlijks vast te stellen trendfactor. De Commissie Trends heeft de directie van Centramed geadviseerd om voor de prolongatie per 1 januari 2018 de keuze te maken voor een factor van 1,45. 


Ontwikkeling van de solvabiliteit (Solvency II)

Door het gunstige resultaat in 2017 mede als gevolg van vrijval van voorzieningen is het aanwezige kapitaal gestegen. Bij een vergelijkbaar risicoprofiel in de portefeuille welke tot uitdrukking komt in het vereist kapitaal stijgt de solvabiliteitsratio in 2017 tot 165%. Daarmee is de koers naar de gewenste solvabiliteitsratio van 175% ingezet. In 2018 verwachten wij dat met het verwachte resultaat aangevuld met nadere maatregelen, tot verdere verbetering van onze solvabiliteit zal leiden.


Vermogensbeheer

In 2016 hebben wij geconstateerd dat het vermogensbeheer voor Solvency II niet meer optimaal was ingericht. Er is samen met een adviseur de nodige besluitvorming m.b.t. vermogensbeheer voorbereid, die in 2017 en 2018 gefaseerd wordt uitgevoerd. Vanaf het tweede kwartaal van 2018 wordt het vermogensbeheer uitgevoerd door A.S.R. vermogensbeheer. Het treasury- en beleggingsbeleid worden hierop aangepast. De liquide middelen zijn in afwachting hiervan in 2017 toegenomen. Daarbij is gedurende het verslagjaar continu gemonitord of directe belegging nodig was. Dat bleek niet het geval.


Winst en verliesrekening 2017


Het boekjaar 2017 is afgesloten met een positief resultaat. Een vergelijking van de gerealiseerde cijfers over het jaar 2017 met de opgestelde begroting geeft het volgende beeld:

(Bedragen x € 1.000)

Begroting 2017

 

Realisatie 2017

           

Baten

         
           

Risicopremie

11.580

   

11.614

 

WMO-premie

500

   

737

 

Opbrengst beleggingen

530

   

684

 

Subtotaal

 

12.610

   

13.035

           

Vergoeding schadebehandelingskosten

2.741

   

2.205

 

Opslag voor kosten

4.130

   

4.301

 

Overige baten

-

   

165

 

Subtotaal

 

6.871

   

6.671

           

Totale baten

 

19.481

   

19.706

           
           
           

Lasten

         
           

Herverzekeringspremies

6.835

   

6.063

 

Geboekte schade en premievoorziening

5.550

   

6.216

 

Subtotaal

 

12.385

   

12.279

           
           
           

Bedrijfskosten:

         

Personeelskosten

4.897

   

4.842

 

Huisvesting

228

   

204

 

Overige / algemene kosten

765

   

611

 

Diensten van derden

807

   

629

 

Afschrijvingen

210

   

189

 

Subtotaal

 

6.907

   

6.475

           

Totale lasten

 

19.292

   

18.754

           

Resultaat

 

189

   

952

 

Het resultaat in 2017 komt € 763 duizend hoger uit dan begroot. 


De premieopbrengsten zijn nagenoeg conform begroting. De WMO-opbrengst is € 237 duizend hoger dan begroot door een groter aantal aangemelde onderzoeken. Onze beleggingsresultaten zijn in 2017 licht beter dan begroot door een beter koersresultaat op zakelijke waarden. De vergoeding voor schadebehandelingskosten blijft achter op de begroting. Dit wordt veroorzaakt doordat de ontwikkeling van het aantal claims in 2017 achter bleef op de prognose.


Ook de totale schadelast is nagenoeg conform begroting, waarbij wel een verschuiving tussen de schadelast en kosten van de herverzekering zichtbaar is. De schadelast is € 666 duizend hoger dan begroot. Deze hogere schadelast wordt met name veroorzaakt door de verhoging van de schadevoorziening oude jaren en een dotatie aan de voorziening voor de schadebehandelingskosten. Daarbij is in deze schadelast rekening gehouden met de vrijval van de premievoorziening door afwikkeling van afwijkende contracten . De herverzekeringskosten zijn significant lager dan begroot door betere inkoopcondities.


De daling van de bedrijfskosten (€ 517 duizend lager dan begroot) wordt verklaard door enerzijds een lagere personeelsformatie door niet, later of anders invullen van vacatureruimte. Daarnaast is minder gebruik gemaakt van diensten van derden dan begroot door onder andere het intern uitvoeren van projecten.


Alle hierboven genoemde ontwikkelingen leiden tot een positief resultaat van € 952 duizend. In afwachting van de vaststelling van de jaarrekening en de verdeling van het bedrijfsresultaat door de Algemene Ledenvergadering op 7 mei 2018 wordt het resultaat in de jaarrekening als ‘onverdeeld’ in de balans verwerkt.


De gecomprimeerde balans per 31 december 2017

(Bedragen x € 1.000)

31-12-2017

 

31-12-2016

           

Activa

         
           

Materiële vaste activa

              338

   

              338

 

Immateriële vaste activa

              151

   

              238

 

Beleggingen

        39.706

   

        43.514

 

Vorderingen

           3.539

   

           5.864

 

Liquiditeiten

        31.402

   

        22.108

 

Overlopende activa

           2.376

   

           2.779

 
           

Totaal activa

 

        77.512

   

        74.841

           

Passiva

         
           

Algemene reserve

              -251

   

              156

 

Onverdeeld resultaat

               952

   

              701

 

Aandelen + agio

          15.801

   

        15.329

 

Eigen vermogen

 

        16.502

   

        16.186

           

Ledenrekeningen

 

           6.200

   

           5.666

           
   

        22.702

   

        21.582

           

Technische voorzieningen

        50.147

   

         49.489

 

Schulden en overlopende passiva

           4.663

   

           3.500

 
   

        54.810

   

        52.989

           

Totaal passiva

 

        77.512

   

        74.841

 


De belangrijkste ontwikkelingen:


De beleggingen zijn in 2017 gedaald door niet herbeleggen van aflopende vastrentende waarden. In 2017 hebben wij de keuze gemaakt voor een nieuwe vermogensbeheerder. In afronding van deze transitie zijn vrijgekomen beleggingen tijdelijk als liquide middelen gehouden. In 2018 wordt de inrichting van ons vermogensbeheer afgerond met een aangepast treasury- en beleggingsbeleid.


De vorderingen bestaan voornamelijk uit vorderingen rekening-courantsaldi van leden (voorgeschoten schadebetalingen onder het eigen risico) en nog te ontvangen recouverte van herverzekeraars. De daling van de vorderingen wordt veroorzaakt door het afboeken van de vorderingen met betrekking tot afgewikkelde afwijkende contracten en aangescherpte procedures inzake recouvertes.


De algemene reserve is afgenomen als gevolg van het afboeken van nog te ontvangen kapitaalstortingen van ontbonden contracten. De toename van de post aandelen en agio komt door de toetredingskapitaal-bijdrage van nieuwe leden in 2017.


De saldi van de ledenrekeningen is gestegen door resultaatbijschrijving uit 2016.
Het (toereikend) totaal aan technische voorzieningen is gestegen met ca. € 1,7 miljoen als gevolg van de ontwikkeling van een aantal individuele grote oude schades. 


De in 2015 getroffen premievoorziening voor 2017 en verder is vrijgevallen met de afwikkeling van afwijkende contracten. De voorziening schadebehandelingskosten voor alle jaren is met € 0,4 miljoen verhoogd naar het benodigde niveau van deze voorziening. 


De verplichtingen zoals die blijken uit de technische voorzieningen, ten bedrage van € 50,1 miljoen (eind 2016: € 49,5 miljoen), worden ruimschoots gedekt door de belegde- en de liquide middelen.